| |
Lezen: Daniël 7
Het is een heel
stuk, zo'n hoofdstuk voorlezen. U had het allemaal ook thuis kunnen
doen, maar het lijkt me toch goed om het woord van God in de eerste
plaats te laten spreken. Ik hoop ook echt dat u het woord van God opslaat,
dat u het nog een keer naleest thuis. En dat u het woord van God als
woord van God gaat beluisteren. Dus niet zozeer als een onderdeel van
de dienst van vandaag, maar als een stuk van Gods glorie. En Hij wil
jou en mij laten zien Wie Hij is.
Het woord van God gaat over de Here Jezus. De schriften zijn het die
van Hem getuigen. En alle profeten, Daniël dus ook, hebben van
Hem getuigd. Getuigenis van Jezus is de geest, is de adem van de profetie,
zegt de bijbel, Openb. 19:10. Het gaat bij de profeten altijd om het
openbaar maken van de Here Jezus. Moet u even aan wennen. Want we denken:
Wat zegt dit mij. Nou ja, veel over de Here Jezus. Ja, maar hoe kom
ik morgen, morgen om 10 uur met dit woord uit de voeten. Weer: Ik snap
het wel, want ik geloof ook vast en zeker dat de Here een woord voor
je heeft hoe je morgen een stukje gedrag mag etaleren. Dat geloof ik
stellig. Maar toch, de profetie gaat in de eerste plaats over de Here
Jezus. En ik denk dat je altijd de vraag moet stellen: Wat staat er
in Dan. 7 over de Here Jezus. En in Dan. 8 en 9 en 10. Of het nou Jer.
31 is, of Ez. 12, of wat het dan ook is, het is altijd het getuigenis
van Jezus. De profeten hebben van de Here Jezus gesproken en Daniël
heeft dat ook nadrukkelijk gedaan. Alleen, hij plaatst dat in de context
van het wereldgebeuren. Dat maakt het boek wel heel erg interessant.
Nog preciezer, je ziet nota bene in hoofdst. 7 van dit prachtige boek
Daniël een stukje van Europa. Komt wel heel dicht bij. Misschien
al een klein beetje dichter bij de werkplek van morgenochtend. Want
daar gaat het wel over.
Ik hoorde net om zes uur in het nieuws in de auto dat er weer pamfletten
zijn uitgedeeld in Maastricht. Daar is een conferentie, minister de
Hoop-Scheffer is daar voorzitter, OVSE. En ze zeiden daar dat er weer
pamfletten werden uitgereikt aan iedereen die het maar krijgen wilde.
Die zijn overigens veel fanatieker dan de gelovigen met hun pamfletten:
Dat Israël de schuld is van alle ellende in de wereld. Ondertekend,
Gretta Duisenberg, onder andere. Nu, vandaag gebeurd, vanmiddag. Dat
trof me, omdat ik het vanavond met jullie moest hebben over Dan. 7.
Daar staat het al.
De bijbel is bedoeld voor gelovigen. Voor mensen die de Here Jezus Christus
hebben leren kennen. Broeder Bas heeft al gevraagd: Alsjeblieft, laat
het niet zo zijn dat je hier weg gaat als een geïnteresseerde.
Maar laat het hier echt zo zijn dat je de Here Jezus kent als je Heiland
en als je Verlosser. Niet omheen draaien, niet weggaan van: Ik zal eens
even daar over nadenken. Ja, ja, ja, het is toch wel stof tot nadenken,
EO-programma van vroeger. Daar kom je geen millimeter verder mee. Je
moet een beslissing nemen. Niet zegen: "Ik zal er eens over denken."
Dat zeiden de niet geïnteresseerde klanten van mij vroeger ook
altijd, en ze kochten niet. Snap je. Al die kreten van: Ik zal er eens
over nadenken, daar kom je geen millimeter verder mee. Je moet, vroeger,
je moet kopen. Of, je mocht verkopen. Maar nu, als het gaat om het evangelie,
je moet een beslissing nemen. Je moet werkelijk zeggen: "Here Jezus,
dank U wel dat U voor mij en voor mijn schuld aan het kruis gestorven
bent." Geen compromissen, geen vage toestanden, echt geloven in
de Here Jezus.
Dan. 7 is bedoeld voor gelovigen. En de Heilige Geest wil je helpen
om dingen op een rij te krijgen. We hebben al veel dingen gezien. Ik
ga niet alles herhalen, u koopt bij de fam. Verschoor toch alle bandjes
of CD´s en u weet het van de vorige keer.
Hier gaat het over een nieuw element. In Dan. 2 hadden we al die vier
koninkrijken: Goud, zilver, koper, ijzer. En nu komen die vier koninkrijken,
die we toen al benoemd hebben: Babelse rijk, Irak, het Medisch-Perzische
rijk, Iran, het Grieks-Macedonische rijk, dus Macedonië, komt al
dichter bij, Europa. En daarna, het ijzeren rijk, het Romeinse rijk.
Die vier wereldrijken zijn er achtereenvolgens geweest. In de dagen
van de Here Jezus was het vierde rijk hier op aarde te zien. Pilatus
regeerde en de Here Jezus stond er voor. Grotere illustratie, betere
illustratie van dat vierde rijk is nauwelijks denkbaar. Vier wereldrijken
zijn er achtereenvolgens geweest. En ook de ongewijde geschiedenis,
de bibliotheek en de boeken daar, gaan je vertellen dat die vier wereldrijken
er achtereenvolgens zijn geweest. Dus niet een soort verhaal uit de
bijbel alleen, dat is ook gewoon in de geschiedenisboeken terug te vinden.
En dan kun je zeggen: "Ja, ik hou helemaal niet van geschiedenis."
Nou, ja, daar kan ik me iets bij voorstellen, maar een volk, vergetend
zijn geschiedenis, krijgt ook revolutie. Als u niet meer weet wat er
gebeurd is, dan gaat het niet goed. De geschiedenis hier heeft een bepaalde
functie. Die geschiedenis laat zien dat de loop van de gebeurtenissen
echt niet buiten de hemel omgaan. En de Here heeft het voorzegd. In
de dagen van Daniël was dat Babelse rijk er nog. Nebukadnezar,
zijn zoon Belsazar, zo begint ons hoofdstuk. Dus dat eerste rijk, dat
rijk van Irak van vandaag, dat was er toen. En Daniël had er onder
te lijden. Want hij was als een balling naar Babel, naar Irak gebracht.
Daar moest hij een omscholing ondergaan. Ze hebben ze getracht een soort
omturningsproces te geven. En hij is daar aan het hof gekomen. Ook anderen,
ook Ezechiël, is in die tijd in Babel, bij de ballingen, aan de
rivier de Chebar. Dat tweede rijk heeft Daniël ook nog meegemaakt.
Op een bepaald moment, we hadden dat toen we Dan. 5 bestudeerden, is
die Belsazar in diezelfde nacht overleden. Terwijl de Iran-mensen aan
de poort van Babel stonden heeft Belsazar een gigantisch feest gevierd.
Zo is de hele wereld bijna hè. Op het randje van de afgrond feest
vieren. Het derde rijk heeft Daniël niet meer meegemaakt. Maar
het is wel gekomen. het Grieks-Macedonische rijk, uit Griekenland. En
het vierde rijk heeft Daniël so wie so niet gezien. Dat was het
ijzeren rijk met Rome als hoofdstad. Maar het merkwaardige is, dat die
vier wereldrijken hier omschreven worden in hun dierlijk karakter. Leeuw,
beer, panter en een vreselijk dier. Een leeuw, nou ja, daar hebben we
iets mee. Een beer daar kunnen we ons ook best iets bij voorstellen.
een panter al wat moeilijker, maar goed, toch. En die dieren die vertegenwoordigen
een rijk. En die komen uit de aarde of uit de zee naar boven. Opnieuw
blijkt ook uit Dan. 7, dat als er van een zee sprake is, de Here ook
spreekt van een volkerenmassa, van volkeren, van mensen. En dan komt
dat vreselijke dier, dat vierde rijk. Na de drie koningen van Babel,
zijn er koningen geweest uit de Medisch-Perzische hoek, Iran. En ze
hebben geheerst en ze hebben zelfs toestemming gegeven aan de Joden
om terug te keren naar Jeruzalem om daar een tempel te bouwen. Daarna
is Alexander de Grote gekomen, een snelle veroveraar, een panter met
vogelvleugels, alsof die in no time alles, alles overvleugelde. En hij
heeft veel veroverd. 33 jaar was hij toen hij stierf. Zijn vier generaals
hebben daarna een soort kruis getekend en ze hebben elk een stuk gepakt.
Zo gaat dat meestal. Kijk maar naar de Sovjet Unie, elk een stuk. En
die vier generaals hebben het ook niet gered, daarna is het Romeinse
rijk gekomen. En, zoals ik zei, dat rijk was er nog toen de Here Jezus
geboren werd en toen de Here Jezus stierf. Dat rijk is er nog een paar
honderd jaar gebleven. En daarna is dat rijk ook gewoon helemaal weggegaan,
stukje bij stukje afgebroken. Nu zegt de bijbel in het NT, we hadden
dat toen we over het boek Openbaring spraken, dat er een rijk is geweest
dat was, niet is en zijn zal. Beetje moeilijke taal, er is een rijk
geweest dat bestond, dat bestond een hele tijd niet en dat zal weer
gaan bestaan. Nu heb ik het over dat rijk, hier aangeduid als een vreselijk
dier. Hard, hardvochtig, met een enorme inpact. Alles vertreden, alles
kapot maken, alles overheersen, alles overrulen. Maar ook met de intentie
om alles aan zich te trekken. Tijden en wetten veranderen. Maar ook
om strijd te voeren tegen God, tegen de heiligen van God, tegen het
huis van God, dat is de intentie. Dat vierde rijk wordt hier als een
enorm vreselijk dier aangeduid. En dat vierde rijk wordt in het NT ook
als een dier aangeduid, als een beest uit de zee. Hier ook hè,
uit de zee vier dieren. Openb. 13: Een beest uit de zee. Openb. 17:
Een beest uit de zee. De zee, dat zijn de volkeren. Dus van tussen de
volkeren uit wordt een beest zichtbaar. En op de rug van het beest zit
een vrouw. En de antichrist geeft aan het beest alle glorie en alle
hulde. Dat zegt het NT.
We hebben het hier over een voorzegging van wat er aan machten en aan
krachten zou gaan komen, en over onze tijd heen zelfs, wat er nog komt.
Profetie heeft altijd een soort voorvervulling, een praktische toepassing
voor ons leven en een eindvervulling. Dat is hier ook zo. Daniël
ziet in nachtgezichten die hele politieke ontwikkeling van de hele wereld.
En wij die nu leven in het jaar 2003/2004, kijken voor een deel terug
en zeggen: "Ja, ja, we hebben in de geschiedenis gevonden dat de
Babelse mensen, dus de Irak-mensen geweest zijn. Dat de Iran-mensen
geweest zijn. Dat de Grieken geweest zijn. En dat de Romeinen geweest
zijn. Die hebben we allemaal gehad. En de Romeinen hebben het zelfs
bestaan om de Here Jezus naar het kruis te verwijzen. Die hebben het
zelfs bestaan om Jeruzalem plat te gooien. Die hebben het zelfs bestaan
om de tempel te vernielen, jaar 70, het is echt gebeurd. En die zijn
daarna met hun macht verder gegaan. En de keizers die lieten zich vereren
alsof ze goden waren. En dat is allemaal gebeurd. Nu, en wat wil je
dan vandaag met Dan. 7, wat wil je dan vandaag met dit verhaal. Dit
is toch allemaal gepasseerd, is toch voorbij." Antwoord: Nee, is
niet voorbij. Daniël heeft het heel goed begrepen. Hij heeft al
die vier dieren gezien. Hij heeft op dat moment iets gezien van een
vierschaar, van de Oude van dagen, van een Mensenzoon. Maar daar zit
iedere keer tussen, toch weer een stuk van dat vierde dier. Zelfs in
het openbaren van de Oude van dagen en de Mensenzoon, daar tussen zit
iets van het vierde dier. En dan zegt Daniël: "Maar toch wil
ik precies weten wat er met dat vierde dier gaat gebeuren, want ja,
dat moet wel iets bijzonders zijn." Dat is interessant, nou niet
alleen interessant voor een vorser, voor een wetenschapper, maar dat
is interessant omdat het verder gaat dan gepasseerde stations.
Dat vierde dier is Europa. Dat vierde dier is het Romeinse rijk. Dat
vierde dier krijgt een vervolg. Dat vierde dier krijgt een staart. Dat
vierde dier was er, is er een hele tijd niet geweest en zal er toch
zijn. En dat vierde dier is op dit moment aan het vergaderen in Maastricht.
Dat vierde dier is op korte tijd te vergaderen in Italië. Of dat
ook Napels is dat weet ik niet eens precies, maar daar ergens. Want
Italië is nog voorzitter op dit moment. Dat vierde dier wordt vandaag
al Eurabië genoemd. Heb ik niet bedacht, las ik in de krant gisteren.
Dat vierde dier krijgt een soort koningschap van 10 koningen. En dat
vierde dier zal proberen om tijden en wet te veranderen, om God de Allerhoogste
te tarten en om de heiligen te gronde te richten. Dat vierde dier richt
zich als een echte Jodenhater op Israël. En die heiligen van God
de Allerhoogste, dat zijn de Israëlieten, dat zijn de Joden. En
dat vierde dier probeert om de Joden om zeep te brengen. Dat vierde
dier gaat te keer en wil alles aan zich trekken. Alles wat van God is
dat gaat weg. En alles, alle macht en alle glorie moet aan die leider
van dat vierde dier gegeven worden. Dat zegt de bijbel. Dat is best
moeilijk. Want hier staat dus iemand die over Dan. 7 spreekt. En die
begint nu ineens over de toekomst. En die begint nota bene over Europa.
Die begint over een top straks in Napels. Die begint over een ontwikkeling
binnen Europa waarvan je ja, eigenlijk nu al de zenuwen krijgt en het
gevoel krijgt van: Ja, maar wat gaat er gebeuren. Israël staat
volledig alleen en de Jodenhaat neemt alleen maar toe. Bij elke dag
neemt dat toe. Het antisemitisme schijnt enorme vormen aan te nemen.
Het wordt de scholen eigenlijk binnengestuwd. En ja, die Joden dat is
het probleem. Want dat was toen al een probleem, en langzaam krijgt
Hitler een soort medaille van ons, want hij heeft het nog niet zo gek
gedaan in zijn dagen. Zo ongeveer gaat het. Natuurlijk distantieer ik
me daar voor 100% van, even voor alle duidelijkheid. Maar die trant
is nu al merkbaar. Het is afschuwelijk wat er gebeurt. En nu kun je
zeggen: "Ja, dat is die mevrouw Duisenberg, die heeft toch geen
fluit te vertellen." Nou, was het maar alleen die mevrouw Duisenberg.
Dan had ik misschien nog kunnen zeggen: "Nou, misschien helpt het
als we haar een keer een paar kurken sturen. Kan ze die in haar mond
doen." Nee, ik bedoel het niet agressief of zo, maar gewoon als
symbool van hou je mond. Maar het is niet één mevrouw.
Jullie weten allang dat de sympathie voor Israël aan het afnemen
is. En ze doen ook niet alles juist. Alsjeblieft, de politiek van Israël
is niet helemaal transparant. En daarvan moet je soms ook zeggen: "Ik
weet het niet. Dit kan misschien helemaal niet." We moeten de politiek
van meneer Sharon niet gaan verdedigen. Dat moeten we nooit proberen.
Maar we moeten wel in de gaten houden dat het een plan van God heeft,
en dat Gods plan met Israël wel terdege doorgaat, hoe het ook gaat
komen. En midden in dit hele proces is een Oude van dagen te zien. Midden
in het gewoel van de volkeren, in het gebrul van de natiën, in
het gewoel van koningen en in de ontwikkelingen die we meemaken, die
we zien is Iemand te zien. Die wordt hier geduid als de Oude van dagen.
Hij heeft grijs haar, heel lang haar. Nu is bij ons iemand van 66 bijna
afgeschreven. Sorry voor de anderen maar ik ben zelf 66, dus ik ben
er. Laat ik het zo zeggen. Maar die hebben hun tijd gehad. Nog één
winter en dan is het over. Ik wil alleen maar zeggen: "Ja, die
moet je dan weer gaan vervangen". Ik zeg het een beetje bewust
zo, want als je b.v. kijkt in de kerkenraden, dan is een man van 66
natuurlijk een oude knar. Die kun je niet meer gebruiken. Die snapt
de jeugd niet meer. Die snapt niet meer hoe het allemaal moet. Dus er
moet een jonge komen, natuurlijk. Zo gaat dat. Maar in de bijbel is
grijsheid een sierlijke kroon die op de weg van de gerechtigheid verkregen
wordt. Toch maar niet naar de kapper hè, zusters, broeders. Laat
maar gewoon, laat maar zien. Het is toch een prachtige term. Sierlijke
kroon die op de weg van de gerechtigheid verkregen wordt. en grijsheid
staat bovendien voor wijsheid, voor rijpheid. Voor mensen die inzicht
hebben. Roept de ouden bijeen, weet je wel, zo'n term hè. roep
ze dan eens, vraag ze eens. Vraag eens hoe het hun ging en waarom ze
dit of dat deden. Hier zit de Oude van dagen. Laaiend vuur, Zijn kleed
wit als sneeuw. Troon bestond uit vuurvlammen. raderen daarvan uit laaiend
vuur, stroom van vuur. Eén en al vuur. De Here God wordt ineens
zichtbaar. Ineens ziet Daniël midden in het beestachtige geweld,
weet je wel, al die beesten, al die sterke machten. En midden in die
beestkrachten ziet hij ineens die Oude van dagen. Zal ik het anders
zeggen. Johannes zat op Pathmos. Hij was veroordeeld. Hij is daar naartoe
gegaan als een balling. Hij woonde in Efeze en de Romeinse bezetter
heeft hem gearresteerd, heeft hem verbannen en daar zit hij dan midden
in Pathmos. Toen nog een onbewoond eiland vrijwel. Daar zit hij. En
hij zit op de dag des Heren te mijmeren en hij denkt: Hoe kom ik, hoe
kom ik, hoe kom ik ooit weer terug. En nu kan ik zo van de Here Jezus
vertellen bij de broeders en zusters en zit ik hier moederziel alleen.
en op de dag des Heren, de zondag, er staat nadrukkelijk: Hij wilde
aan de Here denken, zegt de Here: "Ik zal je eens laten zien Wie
Ik ben." En iets later, verderop in dat prachtige bijbelboek wordt
Johannes omhoog gevoerd en mag hij in de hemel kijken. Een kijkje achter
de schermen. En wat ziet hij, wat ziet hij als eerste? Een troon in
de hemel. Wat ziet Daniël? Een troon in de hemel. Ineens kom je
er achter dat tussen het gewoel, tussen de hectiek van politiek en van
antisemitisme en van haat en van overruling door ongoddelijke, antichristelijke
krachten, dat temidden daarvan, er een troon is in de hemel. Misschien
heb jij wel gedacht: Zou de Here God wel bestaan? Misschien denk je
dat alle gebeurtenissen de Here God uit de hand lopen, dat het helemaal
niet goed gaat met je, en dat de Here God wel eens wat anders had kunnen
doen. Soms heb je het gevoel dat de gebeden niet verder komen dan het
plafond. Men zegt dan: Hemel is van koper, ketst terug. Als je één
keer in de hemel kijkt zie je een troon in de hemel. En op die troon
zit Iemand, de Oude van dagen. Die was, die was de Oude, Die is en Die
zijn zal. Ineens zie je dat er toch Iemand in de troon is, dat er toch
Iemand is met alle touwen in de handen. Dat er toch Iemand is die heerst
en die alle gezag heeft. Die Iemand wordt omgeven door duizenden en
duizenden. Toen Johannes op Pathmos ineens de troon zag, toen zag hij
ook nog vier levende wezens, engelen, vierentwintig oudsten, representanten
van, dat heb ik toen een keer uitgelegd. Maar die vier levende wezens,
die vier dieren zijn ook representanten van. Van, nou, ik zal je een
suggestie doen. Van de serafijnen, van de cherubijnen en, ik heb het
u gezegd over Ez. 1, de chasmaliem, degenen die hier dat blinkend metaal
uitmaken, die dat rookloos vuur in z'n puurste vorm laten zien. Dat
zijn chasmaliem, zijn ook hemelwezens. Dat wordt in Ez. 1 omschreven
als blinkend metaal. Wij denken dan aan metaal, metaallak en aan aluminium
of zo. Onze autootjes van een behoorlijke kwaliteit toch. Blinkend metaal,
maar niks tastbaar. Dat is bij ons wel zo, maar in de taal van de bijbel
zijn dat hemelwezens, chasmaliem. Maar er wordt nog meer gezegd. Behalve
de cherubiem, bij dat voertuig in Ez. 1 omschreven, zijn ook raderen,
en daarbinnen weer een rad, weer een heel typische Hebreeuwse uitdrukking,
ofaniem. Altijd als het woord ie m, iem klinkt, dan is het een meervoudsvorm.
Cherubiem, serafiem, chasmaliem, ofaniem, hemelwezens. En als er in
de bijbel van vier levende wezens sprake is, dan hebt u er nu al vier.
Maar die vertegenwoordigen duizend maal duizendtallen, duizend maal
duizenden. Die vertegenwoordigen heel die hemelschare. En de Oude van
dagen zit in de troon en heel die hemelschare is rondom hem, is daar
aanwezig. Laaiend vuur, vuur in z'n puurste vorm. Nog preciezer, rookloos
vuur in z'n puurste vorm. Dat is het, dat is chasmaliem. Ze zijn daar,
hemelwezens. En nu worden ze hier in Dan. 7 rondom die troon gezien.
De Oude van dagen zit in die troon. Die Oude van dagen heeft alle gezag,
alle macht. Als je dat dan ineens ziet, dan denk je: Nou, wat zou die
koning van Rome in zijn eindtroontje, ik verklein het nu eventjes, kunnen
betekenen. Niks toch, niemendalletje. Eén blaas en dat hele troontje
ligt ondersteboven. Eén, één van die hemelwezens
daarheen, 185.000 man in één nacht kunnen verslaan, dat
is toch wel even een mannetjesputter hè. Stel je voor dat er
twee komen. Wat zou er gebeuren als er twaalf legioenen zouden komen,
waar de Here Jezus kennelijk beschikking over had. Duizenden maal duizenden,
tienduizend maal tienduizenden, ze zijn daar rondom de troon. En daar
zit de Oude van dagen in de troon, alles glorie. En met de wolken des
hemels komt Iemand naar Hem toe. Wie is dat? De Mensenzoon. Nou, u hoeft
geen drie keer te raden, geen twee keer te raden, u wist het allang.
Daar komt ineens de Here Jezus. Het is alsof hier in een prachtig gezicht
de hemelvaart van de Here Jezus zichtbaar wordt. Wij weten dat niet
uit Handelingen. De Here Jezus ging weg en een wolk ontrok Hem aan hun
oog. Maar Hij ging met die hemelwagen. Ik heb dat wel eens getracht
uit te leggen. Die hemeltaxi van Ez. 1 is geland op de Olijfberg, de
Here Jezus is ingestapt, heeft vuur gegeven, gas gegeven, en dat ging
dan loeiend, loeiend weg, en dat ging
.. Wie waren dat. Nou de
cherubiem die zaten met hun vleugeltjes daaronder te wapperen. Nou,
als die gaan wapperen, dan ga je hard hoor, nou ja, ik ga maar niet
door met dit soort taalgebruik, maar je snapt het toch. Als die cherubiem
echt gaan werken, als die "gsst" gaan zeggen, nou dan blijf
je nergens, dat schiet omhoog. Dat gaat met een loeisnelheid. En Wie
zit in die wagen. Met de wolken des hemels, met de Sjechina, met de
wolk van God, de wolk van Gods glorie die er altijd is als de Here Jezus
openbaar wordt. Dat was al zo bij de tabernakel, bij de tempel, later
in de toekomst, de wolk van de Here. Daar komt met de wolken des hemels
de Mensenzoon. Oh ja. De Here Jezus zei: "Ik ben de Mensenzoon."
De hogepriester had gevraagd, een paar dagen eerder, "Bent U dan
de Christus." "U zult de Zoon des mensen zien komen op de
wolken des hemels." "Hoh, dat is godslaster." Kleren
stuk, daar gaat Hij. En ze hebben Hem veroordeeld. En nu komt Hij met
de hemeltaxi, met de wolken des hemels, komt Hij bij de Oude van dagen.
Nou, ik vul in hoor, ik weet het wel. Ze hebben daar geapplaudisseerd.
Ik was laatst in een samenkomst, en het deed me heel goed, waar de voorganger
zei, 's morgens om tien uur begon het: "Het is nu tien uur, de
Here heeft beloofd, als twee of drie in Mijn Naam samen zijn dan ben
Ik er, applaus voor de Here Jezus." Nou de hele zaal bulderde van
applaus. Nee, eerbiedig. Ik denk: Waarom niet. Als meneer Bauer, Frans,
in de Ahoy-hallen een gigantisch applaus krijgt. En als die voetballers
van ons, die miljonairs die staan te balletjes trappen, als die zeg
goaltjes maken, nou, man, man, man, applaus op een gigantische manier.
Waarom applaudisseren we niet voor de Here Jezus. En daar komt Hij.
Nou, maar die hemelwezens die hebben dat geweten. Daar komt, daar komt,
daar komt, daar komt Hij, daar komt Hij. Ze hebben Hem gevolgd. Ze mochten
niet ingrijpen toen het heel moeilijk was. Ze hadden graag gewild, ze
hadden graag die lui mores willen leren, maar dat mocht niet. De Here
Jezus riep niet dat ze moesten komen, dus ze deden het niet. Ze waren
gehoorzaam. Nu komt Hij er aan, met de wolken des hemels, de Zoon des
mensen. En God zegt: "Dat is Hem, dat is de Geliefde. Dat is Mijn
Uitverkorene. Dat is Degene in Wie Ik welbehagen heb. Dat is Hem."
En Hij komt daar bij die Oude van dagen en Hij krijgt uit de hand van
de Oude van dagen alle macht, alle gezag. Dat is ook precies wat de
Here Jezus zei: "De Zoon des mensen, de Zoon des mensen heeft alle
gezag, heeft alle macht, heeft alle glorie, krijgt alles aan Zijn voeten."
Alle knie zal buigen, elke tong zal belijden dat Hij de Here is, de
Zoon des mensen. En Die komt bij die Oude van dagen. U vindt het in
Dan. 7. En Hij gaat met gezag, met alle hemelkracht, met alle autoriteit
die denkbaar is, zoals de politieman vandaag kan zeggen: "Want
het hele wettelijke apparaat staat achter mij", even als het goed
is. Waarschijnlijk niet helemaal, want politiek wil wel eens een beetje
sjoemelen. Maar normaal is dat zo. Als oom agent je een bekeuring maakt,
of je het nou leuk vindt of niet, het hele wettelijke apparaat staat
achter hem. Dat is dus de rechter, en dat is de hele gevangenis
,
nou alles, alles, alles wat maar rechterlijke macht is, dat zit daar
achter, achter die ene man die in het veld opereert. En nu komt de Here
Jezus. En Hij komt met alle macht van de hemel, met alle autoriteit
van de hemel. Alles wat er aan macht, aan autoriteit is, is aan Hem
verleend. En die Here Jezus, dat is mijn Heiland. Snapt u het een beetje.
Dat Hij die alle macht heeft in de hemel en op aarde, aan het kruis
van Golgotha, voor jou en voor jouw schuld wilde sterven. Kunt u zich
voorstellen wat dat is dat Hij Zich overgaf in de handen van mensen
die Hem onheus bejegenden en die Hem sloegen, die Hem bespuwden, die
Hem bespot hebben, die Hem gewoon liegend allerlei dingen in de schoenen
hebben gewreven die Hij helemaal niet had gedaan. Kunt u zich voorstellen
dat de Here Jezus dat over Zich heen liet komen. Hier ziet u het. Nou,
ik krijg dan het gevoel van: Here Jezus, ik mag U wel eens een keer
extra gaan bedanken. Ik mag wel eens een keer extra dank U wel gaan
zeggen. Nou, doe hete maar. Zeg maar stilletjes: Thank you Lord. Nou,
zeg het in het Nederlands: Dank U wel Here Jezus, dank U Here Jezus.
We zijn het misschien niet gewend. In sommige samenkomsten hoor je altijd:
Jezus, Jezus, dank U Jezus. U vindt het gewoon, u vindt het overdone,
u vindt het
. Is misschien ook wel zo. Misschien slaan ze een beetje
door, kan. Maar zegt u het nog wel eens: Dank U Here Jezus, dank U Here
Jezus.
Je ziet Hem hier in Dan. 7. In het enorme tumult van wereldrijk en van
politieke ontwikkelingen, van toestanden, ziet u ineens Hem. Nog een
keer Johannes: Temidden van, ik zit vast, ik zit klem, ik zit in de
gevangenis, kan geen kant op, kan geen woord kwijt, kan niets meer delen,
en temidden daarvan ineens een hemel open. De troon in de hemel, en
daar is Hij. Nou, dat is een gigantische bemoediging voor Johannes geweest
toen. En zal dit ook voor jou en voor mij niet bedoeld zijn. Zal de
Here daarom Dan. 7 niet aan jou willen zeggen, en willen zeggen: Moet
je eens luisteren beste vriend. Je kunt nu wel kijken naar de krant
van morgen, staat weer vol, en de politieke ontwikkelingen. En je kunt
je hart vasthouden, en dat is onvoorstelbaar hoe vlug hoe hard dat gaat."
En het anti-Joodse denken, het agressieve tegen de Joden neemt gigantische
vormen aan. Ik ben hier niet om de politiek van Israël te verdedigen,
maar nu voor de tweede keer. Maar ik ben wel hier om te zeggen dat God
een plan heeft met dat oude volk en dat Hij dat plan ook echt waar gaat
maken. Temidden van het tumult laat de Here zien Wie uiteindelijk gaat
regeren.
Maar we moeten toch goed in de gaten houden dat er op een bepaald moment
tien koningen zullen zijn. Ik heb ze, toen we over Openb. 17 spraken
ook genoemd. Ik wil met jullie lezen Ps. 83. Misschien wil je dat even
met me opslaan.
Ps. 83:3: Want zie, Uw vijanden tieren, Uw haters steken het hoofd op.
Ze smeden een listige aanslag tegen Uw volk en beraadslagen tegen Uw
beschermelingen. Ze zeggen: Kom, laten we hen als volk verdelgen, zodat
aan de naam van Israël niet meer wordt gedacht. Want ze hebben
eensgezind beraadslaagd. tegen U een verbond gesloten. (Nu, ga nu maar
even tellen hè.) De tenten van Edom, dus de Edomieten. De Ismaëlieten,
Palestijnen van vandaag. Moab, Jordanië. De Hagarieten, dat weet
ik niet precies waar ze wonen, maar ze wonen ook in de buurt. Gebal,
Ammon, Amelek, Filistea. Inwoners van Tyrus, dus Syrië en zo. Zelfs
Assur, Noord-Irak, heeft zich bij hen gevoegd.
Als u ze optelt dan hebt u er tien. Dat zijn die tien mensen, die tien
koningen die unaniem van plan zijn om Israël de zee in te duwen.
En die verbinden zich met Europa. Daarom heet Europa misschien, nog
een keer die term uit de krant van gisteren, Eurabië. Dit komt
op een gigantische manier naar ons toe, dit overspoelt en dit gaat enorm
ver. En de haat die er is in de moslimwereld naar Joden toe is enorm.
Maar ook naar christenen. Ze zeggen openlijk dat ze mensen die in Israël
wonen te lijf gaan en mensen die kruistochten ondernemen ook te lijf
gaan. Dat betekent, dat als er nog positieve elementen zijn in Nederland,
in België, in Frankrijk, dan moet het daar ook aangevallen worden.
Het gaat maar door. En we laten ons in slaap sussen door allerlei verzachtende
elementen van niet zo fanatiek opererende moslim-mensen die zeggen van:
"Ja, maar dat bedoelen wij niet." Maar de politiek heeft gekozen
en kiest. En dat is nu precies wat Dan. 7 zegt van dat vreselijke dier,
dat vierde dier. Dat vierde dier, gaat tijden en wet veranderen. Gaat
alles op z'n kop zetten en probeert daar alles stuk te krijgen. En ik
ben er zeker van dat dat toen gebeurde in de dagen van de Here Jezus,
toen hebben ze de Here Jezus ook vermoord. Toen hebben ze Hem omgebracht.
Onterecht, want juridisch was er geen bewijs, maar ze hebben het wel
gedaan. Dat dat nu precies gaat komen. Alleen, dan is het niet Iemand
die zegt: "Hier ben Ik, neem Mij maar en laat deze heengaan."
Dan zal blijken dat de Here Jezus de Here der heren is, de Mensenzoon
is, die met de wolken des hemels komt. Die met alle autoriteit van de
hemel, met alle gezag van de hemel, met alle machten en krachten van
de hemel terug komt om te heersen, om te regeren. Dat is het verschil.
En voor de rest is er geen verschil. Toen hebben ze geheerst. Toen hebben
ze gedood. Toen hebben ze overruled in elk opzicht. En dan gaat de Here
Jezus terug komen.
Die tien koningen die zijn er. Die drie koningen die er voor uitgerukt
worden zijn, voor zover ik het zie, maar daarover later, merkwaardig
genoeg, drie die in het boek Daniël, hoofdst. 11, nog een keer
weer genoemd worden. Daar worden immers drie koningen uitgerukt, daar
komt een opvallende hoorn voor in de plaats. Maar Dan. 11:41 zegt dat
aan Zijn macht zullen ontkomen Edom, Moab en de keur van de Ammonieten.
Dat betekent dat Edom, Ammon en Moab, de drie familievolkeren, de Edomieten,
afstammelingen van Ezau, de Moabieten en de Ammonieten, dat zijn de
zonen van Lot met zijn dochters, die beide jongens, die zullen ontkomen.
Die zullen daar voor uitgerukt worden. Dat betekent dat er een beweging
ontstaat waardoor die volkeren ergens buitenspel gekomen zijn en daar
alleen maar krachten en machten van een andere krachtbron gaat werken.
Lieve mensen, de tijd gaat enorm vlug. En ik wil je graag vertellen
dat Dan. 7 ons vertelt dat er wereldmachten en wereldbranden zijn. En
dat daar beestachtigen, daarom wordt het als beesten voorgesteld, dat
er beestachtige taferelen zijn. Maar dat binnen, binnen dit hele geweld,
er een antwoord is van God. Op een leeuw, op een beer op een panter
en op een vreselijk dier heeft God één antwoord: Het Lammetje.
In het boek Openbaring staat: Het Lammetje dat geslacht is. Nou, een
lammetje zonder slacht is al niks. Maar een lammetje dat geslacht is,
is helemaal niks meer. daar is uiterlijkheid ook al af. Daar blijft
helemaal niets van over. Een lammetje is so wie so al breekbaar en teer.
Maar dan blijft er helemaal niets over. En ik zing van het Lam, en wij
zingen van het Lam dat geslacht is. Wij houden ons aan de Here Jezus.
Die Mensenzoon is het Lammetje. De Mensenzoon in de troon is het Lam
van God. Als Openb. 4 doorgaat naar 5, dan wordt er ingezoomd hè.
Eerst zie je, vaag, de troon, en Iemand in de troon.Later is die Iemand
de diamant de sardius gelijk. Dan is er een regenboog, dan is er nog
meer. En op een bepaald moment gaat steeds, steeds iets, ja iets meer
komen. Er komen steeds meer details. En uiteindelijk is centrum van
troon en van macht, het Lam dat geslacht is, de Here Jezus.
Ik wil je bemoedigen. Misschien wordt je morgen weer geconfronteerd
met de politieke werkelijkheid tegen Israël. Misschien wel tegen-christelijk,
want dan is het anti-christelijk. De Vader en de Zoon loochenen. Misschien
krijg je morgen voor je kiezen dat wat je doet en wat je zegt ouderwets
is. Het antwoord is: Ik heb de Here Jezus leren kennen. Zeg dan rustig
tegen iedereen: "De Here Jezus, Hij is Here." Ze lachen je
uit. Hebben ze Hem ook gedaan. het Lam dat geslacht is, dat is het.
Of ze het begrijpen? Waarschijnlijk niet. Maar je zegt, ik hoop helder
en duidelijk: "Ik weet Wie er gaat regeren. Ik weet Wie uiteindelijk
de macht heeft. Dat is de Mensenzoon die alle macht krijgt uit de handen
van de Oude van dagen, de Here Jezus. Degene die voor mij en voor mijn
schuld stierf, degene die voor mij alles bij God in orde maakte, gaat
heersen." Ik wil het over de Mensenzoon hebben. Ik wil over Hem
spreken. Ik wil het over Hem hebben. Hij is het, tussen alle hectiek
van de hele politieke wereld, is er maar één ding belangrijk:
De Mensenzoon. Wie is die Mensenzoon? Het Lam dat geslacht is. Nog preciezer,
De Here Jezus, mijn Heiland, mijn Verlosser. Ik ben zo blij met de Here
Jezus. Ik ben blij met Hem. Dat maakt je blij, dat maakt je gelukkig.
Als je naar de krant kijkt, naar het journaal kijkt, ben je misschien
morgen weer onderuit gehaald. En als je naar de Here Jezus kijkt kom
je er weer bovenop. Als je naar Israël kijkt, dan denk je: Hoe
redden ze het. Nou, ze redden het niet, Hij doet het, Hij redt het.
De Here Jezus doet het. Hij is de Mensenzoon. Hij zal niet toelaten
dat Zijn volk uiteindelijk de dupe wordt van de haat van de tegenstander.
De Here Jezus, midden in Dan. 7, midden in het tumult van de koninkrijken
der aarde, de Mensenzoon. De Oude van dagen, Degene die dat hele lange
witte haar heeft.
En ik ga tot slot met je lezen Openb. 1, klein stukje maar. Vs 12: Ik
keerde mij om ten einde de stem te zien die met mij sprak (dat is Johannes
op Pathmos hè). En toen ik mij omkeerde zag ik zeven gouden kandelaren
(en nu komt de omschrijving die ik bedoel). En temidden van de kandelaren
Iemand als eens mensenzoon. bekleed met een tot de voeten reikend gewaad
(dat staat in Dan. 7 voor de Oude van dagen). Aan de borsten omgord
met een gouden gordel (dat staat van Hem, van de Here Jezus). En Zijn
hoofd en Zijn haren waren wit als witte wol (dat staat er van de Oude
van dagen in Dan. 7) als sneeuw. Zijn ogen als een vuurvlam en zijn
voeten waren gelijk koperbrons als in een oven gloeiend gemaakt (vuur,
vuur, laaiend vuur welde voor Hem op en ging voor Hem uit). En Zijn
stem was als een stem van vele wateren en Hij had zeven sterren (de
Here Jezus).
Wat zou je kunnen deren. Ik heb van het geloofsleven van mijn vader
niet zoveel onthouden. Ja, ik heb alles onthouden wat hij ooit gezegd
heeft denk ik. Mijn geheugen is heel goed. Maar het was niet zo diep.
Pas aan het eind van zijn leven heeft hij de Here Jezus bewust beleden.
En hij is als een kind van God gestorven. Maar hij componeerde, hij
was musicus. En wat hij componeerde, dat was een parafrase over, voor
brassband, over: Vaste Rots van mijn behoud. We zongen het vanavond
en dat schoot me even in de emotie. En ik heb het zelf meegespeeld.
Ik speelde zelf ook heel fanatiek, en hijzelf. We hebben het ook samen
gespeeld, we hebben het uitgeprobeerd. En ik heb gezien aan hem, toen,
dat hij dit beleefde. Dat dit waar was voor hem. Weet je, hij kende
toen de Here Jezus. Klein stukje over mijn familie, mijn vader. En als
je nu hier zit, en vanavond dit aanhoort denk je: Ja, het was moeilijk,
of niet. Maar die machten die komen. Wat is nu het antwoord voor de
gelovigen. Het is de Here Jezus zelf. Het is kijken naar de Here Jezus.
Tjonge jonge, temidden van het tumult van de politiek, komt daar Iemand,
een Mensenzoon. En dat is Niemand anders dan Hij die het werk aan het
kruis van Golgotha volbracht. Nou, dan jubel je maar en dan zeg je:
"Here Jezus, ik wil U prijzen, ik wil U grootmaken, ik wil U eren,
ik wil
.. Dit geeft kracht. In Den Haag snappen ze dit niet. Daar
moeten ze er over kletsen. En ze blijven praten hoor, tot ze een ons
wegen. En dat duurt heel lang, want afvallen duurt lang. Maar, nee maar,
ik bedoel het heel serieus, ook. Ze blijven praten. Maar we worden niet
geacht om te praten. Wij worden geacht om te getuigen. Getuigen van
de Here Jezus, amen.
|
|