| |
Lezen: Openb. 1:1-8
Ja
wij proberen het boek Openbaring wat dichterbij te brengen. We proberen
dat op onze harten te leggen en we proberen te kijken met de ogen van
de Here naar dit bijzondere boek. Nou dat zijn al best moeilijke termen.
Kijken met de ogen van de Here, dat betekent dat je alleen maar kunt
begrijpen door, ja door de Heilige Geest. En dan zet je tamelijk hoog
in aan het begin van een dienst. Als je alleen door de Heilige Geest
kunt kijken dan zul je die Heilige Geest moeten hebben en dan zul je
ook de Heilige Geest moeten toestaan om te werken. Want je kunt Hem
wel hebben maar dan kun je Hem nog uitblussen, dan kun je Hem nog bedroeven.
Dan kun je nog zo zijn dat dat niet functioneert. Dus we zitten gelijk
behoorlijk hoog in de boom.
Het is de Openbaring van Jezus Christus. Nou Bert zei het net al in
de inleiding: "God doet een boek open over de Here Jezus".
Het woord openbaring is hetzelfde als onthulling. Dus als er een standbeeld,
een prachtig kunstwerk wordt onthuld op een bepaalde dag dan wordt het
doek weggetrokken door wie dan ook. Nou dan is dat een onthulling. Nou
dat is wat hier gebeurt. God zelf trekt het doek weg. God zelf onthult
de Here Jezus. En toen ik dat voor het eerst hoorde toen dacht ik: Nou
dan mag je wel eens op het puntje van je stoel gaan zitten. Als God
het de moeite waard vindt om Zijn "Kunstwerk", zet dat maar
even tussen aanhalingstekens, te onthullen, als Hij zo schitterend is,
zo geweldig is, dan wordt het tijd dat wij gaan luisteren. En dat is
nu precies wat de duivel wil verhinderen.
Hier staat: "Zalig hij die leest en zalig zij die voorlezen en
zalig zij die hoorden de woorden van de profetie". Alleen al het
lezen van deze dingen en het aanhoren van deze dingen is een bijzondere
zegen van God. Fijn dat u er bent. Fijn dat u mee gaat genieten, mee
gaat kijken, mee gaat luisteren naar die prachtige dingen die in dit
laatste bijbelboek beschreven staan.
Iedereen roept: "Dit is een heel moeilijk boek". Ik zeg ook
niet dat dit makkelijk is, maar niet te moeilijk, want u hebt een capaciteit,
een vermogen om het te snappen. Wie? Nou, alle mensen die de Here Jezus
Christus hebben leren kennen als hun Heiland, als hun verlosser, die
hebben van God de Heilige Geest gekregen. Nog een keer. Alle mensen
die met hun schuld tot God gingen, die hun zonden hebben beleden en
tot God gingen: "Here God wees mij zondaar genadig", die hebben
van God te horen gekregen: "Geloof in de Here Jezus en je zult
behouden worden". Heb je toch gedaan? "En als je het gedaan
hebt", zegt God, "dan geef Ik je Mijn Heilige Geest. Vanaf
dat moment krijg jij van Mij het vermogen, de capaciteit om Mijn dingen
te snappen". Dat is echt uniek, geweldig, dat God je het vermogen
geeft om Zijn dingen te begrijpen. Geestelijke dingen, zo drukt Paulus
dat uit in 1 Kor., die met geestelijk verstand begrepen moeten worden.
Nou dat geestelijk verstand, dat krijg je door die Heilige Geest. Je
kunt de Heilige Geest uitblussen. Je kunt Hem ook bedroeven. Je kunt
Hem niet toestaan te werken. In het boek Openbaring zullen we een situatie
tegenkomen dat gezegd wordt: "Ik raad u aan van Mij te kopen ogenzalf",
weet je wel? Dan moet er iets gebeuren, dan ben je eigenlijk bij de
oogarts aangekomen en dan moet je medicatie hebben om weer helder te
zien. Om de dingen van God opnieuw onder ogen te krijgen. Maar van harte
hoop ik dat je hier bent als een gelovige, als een kind van God met
het verlangen om meer van de Here Jezus te zien, meer van Hem te ontdekken.
Het laatste bijbelboek zal je op een prachtige manier helpen. En die
duivel? Ja die duivel is er op uit om te zeggen: "Dat is veel te
moeilijk voor je, dat is voor mensen die gestudeerd hebben. En zij hebben
nog de grootste verschillen ontdekt. Dus waag je daar maar niet aan.
Sla dat boek maar over." En dat gebeurt meestal. In plaats van
openbaring, onthulling is het versluiering is het gewoon bedekking.
En dit laatste bijbelboek is hooguit nog te vinden in één
enkele tekst, soms, weet je wel, gewoon omdat het een aardige tekst
is. Maar om nou te zeggen we gaan studie maken van dat laatste bijbelboek.
En dat willen we nu zo graag. We willen in deze diensten graag vertellen
van de Here Jezus. Van het feit dat Hij komt. Van het feit dat Hij de
Here is. Van het feit dat Hij in het huis van de Vader op je wacht.
En dat er een prachtige toekomst voorligt. En we willen ook graag vertellen
dat Gods plannen met Israël ook waar worden. Dat ze echt waar worden.
Nou alles zit in dit laatste bijbelboek. Zoveel stof, we kunnen nog
wel even vooruit.
Fijn dat u er bent. De tweede keer. En ik hoop van harte dat we samen
genieten van de openbaring van Jezus Christus. En God zelf geeft die
openbaring. Dus God trekt het doek weg, God openbaart Zijn Zoon. En
dat is bedoeld voor die dienstknechten. Die krijgen getoond hetgeen
weldra moet geschieden. En dat is wel een beetje een beperking. Soms
wordt wel eens gezegd: "Ja, het is allemaal zo makkelijk bij die
evangelischen". Nou ja of ik daar nu wel of niet onder pas dat
weet ik ook niet precies maar ik reken me daar zelf toch wel bij, ik
zit in dat evangelisch circuit. Maar het is allemaal zo makkelijk. Je
gelooft één keer in de Here Jezus en je hebt een soort
polis in je binnenzak en er kan je gewoon niks meer gebeuren. Maar die
diepgang weet je wel, die ernst die ontbreekt daar want daar lachen
ze wel eens in een samenkomst. Ik hoop niet dat u mij kwalijk neemt
als ik het zo formuleer. Nu, hier staat wel terdege een beperking. Hier
staat dat het een openbaring is van Jezus Christus. Om Zijn gelovigen
te tonen? Nee, om Zijn knechten te tonen. Dat betekent dat je behalve
een kind van God, behalve leven uit God, ook nog de principiële
bereidheid moet hebben om voor Hem iets te doen. Om voor Hem te gaan.
Dat is echt zo. Daarom zult u in hoofdst. 2 en in hoofdst. 3 steeds
tegenkomen: "Wie overwint die zal ik geven". Dat betekent
dat het om beloning gaat. Dat het om, ja, een lauwerkrans gaat, een
ereplek gaat, een erezetel gaat. En beloning, in de bijbel, staat altijd
in verbinding met een gelovige die ook discipel, die ook volgeling is.
Nu moet ik heldere, heldere dingen zeggen. U bent een gelovig als u
gelooft in het volbrachte werk van de Here Jezus. U hebt leven tot in
eeuwigheid, u hebt een prachtig vooruitzicht als u gelooft in het volbrachte
werk van de Here Jezus. En u komt in de hemel door het geloof in de
Here Jezus. Niet door uw werken. U komt in de hemel doordat u gelooft.
En toch wordt van u gevraagd om een overwinnaar te zijn. Aan een overwinnaar
worden speciale zegeningen toegekend, extra zegeningen. En die extra
zegeningen houden verband met wie je bent voor Christus. Dus niet wie
je bent in Christus maar wie je bent voor Christus. En dat zijn knechten,
dat zijn discipelen, dat zijn volgelingen. Dus het is bedoeld voor gelovigen
die ook nog volgelingen zijn, die ook nog discipelen zijn, die ook nog
voor de Here Jezus willen gaan. En aan hen zal getoond worden wat weldra
moet geschieden. Nou ook dat is gewoon, ja, een hot item. Wie zou vandaag
niet willen weten wat er spoedig gaat gebeuren. Zegt de bijbel daar
van alles over? Ja. Als u mij om een datum vraagt dan zeg ik: "Het
is 13 januari 2002". Maar als u mij vraagt: "Wanneer komt
de Here Jezus terug", dan zeg ik: "Ik weet het niet".
En al die mensen die een datum hebben genoemd hebben het mis gehad.
Ik ken er een hele rij en ik weet al zoveel data, maar dat klopt niet.
En ik ben ook alleen maar Dato en geen datum. Ik weet het niet, ik weet
het echt niet. En niemand van ons kan een datum geven. Maar we kunnen
wel zeggen dat het weldra gaat gebeuren, dat het spoedig gaat komen.
En de Here Jezus roept ons in dit laatste bijbelboek toe: "Ik kom
spoedig, houdt wat gij hebt, Ik kom gauw". En bij Hem is duizend
jaar één dag en we hebben nog maar tweeduizend jaar gehad.
Dus eergisteren zei de Here Jezus: "Ik kom gauw terug hoor".
Nou ja, dat kun je nog best waarmaken. U draait het altijd om. En de
mensen in de straat zeggen ook: "Nou, kan nog wel duizend jaar
duren", zo van... Oh ja? Eergisteren zei de Here Jezus: "Ik
kom spoedig terug". En het is nog actueel. Het is prachtig om terug
te kijken naar de komst van de Here Jezus.
Nu, hetgeen weldra geschieden moet. En dat, dat heeft Hij door een engel
te zenden, aan Johannes te kennen gegeven. Johannes, daar kom ik later
op terug, dat blijkt uit het vervolg van hoofdst. 1 was op het eiland
Pathmos. Ik zal u daarover iets vertellen de volgende keer. En deze
heeft van het woord van God getuigd en van het getuigenis van Jezus
Christus alles wat hij gezien heeft. Johannes zegt eigenlijk dit: "Ik
ben alleen maar een werktuig, een stukje getuigenis en ik houd niets
achter, ik vertel het je allemaal heel plain, ik ga het je echt uit
de doeken doen."
En dan komt: Zalig hij die voorleest en zij die horen de woorden van
de profetie en bewaren hetgeen daarin geschreven staat, want de tijd
is nabij. Weer: Hij komt weldra en de tijd is nabij. Direkt al in de
aanhef komt u eigenlijk deze dingen tegen. Weldra, de tijd is nabij,
wakker worden. We zijn een beetje wakker geschud door 11 september.
En we zijn een beetje op onze hoedde door. En er is van alles veranderd
na die datum. En de kerk is een beetje voller geworden. En het verlangen
naar onderwerpen over de komst van de Here Jezus die worden sterker.
Er komen steeds meer mensen die interesse hebben in dit laatste bijbelboek.
Alleen ze hebben het gevoel: We horen hier niet, we krijgen daarover
geen informatie meer. Nu, ik ben blij dat we het met elkaar mogen overwegen
want de tijd is nabij. En dat. is een speciale zegen voor u in weggelegd.
Soms zijn er van die knipogen. Ik had het moeilijk vanmorgen, heel moeilijk.
Ik had slecht geslapen. We hadden een spannende bijenkomst, hele spannende
bijeenkomst om 12 uur vanmiddag. En ik liep buiten vanmorgen in alle
vroegte. Ik zei: "Here, geef me alstublieft een teken, laat alstublieft
iets van eenden en ganzen overvliegen in een V-vorm". Ik kijk omhoog
en ik zie ze. U kunt het stom vinden en u kunt het heel emotioneel vinden.
Hoh daar heb je van die van die hoh, nou die letten op het vogelgeschrei
weet je wel. Dat. wordt dan altijd in een soort kadertje geplaatst.
Ik zei tegen Hennie: "De Here heeft al geantwoord. Ik weet het
zeker". En het wonder is al gebeurd. De Here heeft op een bijzondere
manier gezegend.
Zalig hij die leest. Zalig zij die horen. Niet iedereen kon lezen vroeger.
Maar als ze, zelfs als ze dit hoorden dan werden ze zalig gesproken.
Het feit alleen al dat wij in deze dienst met deze dingen bezig zijn
is een zegen. Die zegen hebt u. Ook al praat de prediker wartaal, u
hebt die zegen. Dat is toch prachtig, dat is subliem. Dan kan je eigenlijk
al niets meer ontgaan.
Goed, en dan begint Johannes. Johannes aan de zeven gemeenten in Azië.
Die zeven gemeenten die lagen daar en het zijn er slechts zeven, want
er waren er meer. Ik ben daar niet zo vaak geweest, maar één
keer, afgelopen jaar. Een Rondtour gemaakt langs die zeven gemeenten.
Maar Kolosse lag daar ook. Ik wil alleen maar zeggen dat er dus meer
gemeenten waren dan zeven. Er is dus kennelijk bewust een zevental genomen.
En dat zevental dat heeft iets te maken met het getal zevn zelf. Met
een compleet iets, met een afgerond iets, een voltallig iets. En die
zeven gemeenten lagen dus in een klein stukje van Turkije. Daar ligt
het nu nog. Behalve Smyrna, daat is nog een kerk, een RK-kerk, maar
voor de rest is het alleen maar ruïne, er is niets meer te vinden.
Herinnering. Maar Johannes moest in die tijd schrijven aan die zeven
gemeenten in Azië. En wat moest hij dan zeggen.
Genade zij u en vrede van Hem Die is en Die was en Die komt. En die
woorden die kent u neem ik aan. De mensen die in de evangelische hoek
zijn die horen dit misschien niet zo vaak maar de mensen die in de reformatorische
hoek zijn die horen dit elke zondag en die kennen deze termen uit hun
hoofd. Ik kende ze ook en het zei me niets. Het was een soort formule,
daarmee begon de dienst en dat hoorde erbij en ik vond het nog eerbiedig
ook. Ja, het was bijbels. Ik hed er ook natuurlijk geen kritiek op,
nooit gehad, nu nog niet. Maar, ja, wat bedoelde men daar dan mee. Ik
probeer het. Lieve broeders en zusters, genade zij u en vrede. Ik zei
al, alleen al het lezen of het aanhoren van de woorden uit dit boek
is al een zegen. Twee, behalve het aanhoren en het dus krijgen van een
zegen, wordt er nog iets toegevoegd aan jouw hart aan jouw zegen. En
dat is genade en vrede. Nu ik denk dat wij allemaal langzaam maar zeker
overtuigd raken van: Nou die dingen die hebben we nodig. Genade heb
ik nodig, elke dag. Ik zou niet weten hoe ik zonder moest. Uit genade
ben ik behouden. Ik noem maar een tekst. Niet uit mezelf, het is een
geschenk van God. Genade zal mij steeds bewaren, hier op de weg met
alle hobbele en keien. Genade, vrede. Alle onrust springt bijna op je.
Alles, alles is in onrust. Genade en vrede. Beide dingen worden je eigenlijk
toegeroepen. Van Wie, vanwege Wie. En dan moet u opletten: Van Hem Die
is en Die was en Die komt. Nou vroeger hadden we een hele simpele verklaring.
Van God dus, van de Geest, de Heilige Geest en van Jezus Christus de
getrouwe Getuige. Dus het was gewoon God de Vader, God de Geest en God
de Zoon. Nu, ik neem daar absoluut, nadrukkelijk afstand van. Het is
de openbaring van Jezus Christus welke God Hem gegeven heeft. En Johannes
begint met te zeggen: "Degene over wie wij nu gaan praten, en ik
begin nog maar net, dat is Degene Die is, Die er vandaag is, Die er
was en Die er zijn zal". Hij begint eigenlijk te zeggen: "Degene
over wie we nu gaan schrijven dat is niet zomaar Iemand, dat is Iemand
Die er vandaag is, er gisteren was, en er morgen zal zijn". Gaat
u toch maar op het puntje van uw stoel zitten. O, ja, maar hier staat
dan toch verder: Genade zij u en vrede van Hem Die is en Die was en
Die komt en van de zeven geesten die voor Zijn troon zijn. U wilt toch
niet zeggen dat dat de Here Jezus is. Nou, als u de bijbel doorleest,
ditzelfde bijbelboek, dan komt u in Openb. 4 en in Openb. 5 een hele
bijzondere uitspraak tegen namelijk dit: Hij, de Here Jezus, is de zeven
geesten die voor Zijn troon zijn. Het staat er precies. Alle licht,
alle licht en alle verlichting is bij Hem. Zijn ogen doorlopen de ganse
aarde. Hij is het. U krijgt genade en vrede aangereikt vanwege Hem Die
is en was en komt. Dat betekent: U krijgt genade en vrede van de Eeuwige.
Van Jahweh zelf. Niet zomaar Iemand, van de Here God zelf, van Jahweh
zelf. En u krijgt vrede en genade aangeboden van Hem Die alles ziet
en Die alles in het licht brengt en Die alles openbaar maakt, Die nooit
mar dan ook nooit iets in het duister laat zitten. Soms kun je daar
bang voor worden, dat alles van jezelf in het licht komt. Maar op een
moment dat je daar aan toegeeft is het een zegen. Want alles wat in
het licht komt dat wordt ook beschenen door het hemelse licht van God
zelf. Want Hij is licht. God is licht. Aan het eind van dit bijbelboek
staat dat in het nieuwe Jeruzalem geen lamp is, geen zon, geen maan,
geen ster meer is, want dat hoeft niet want God is het licht en het
Lam is haar lamp. Die stad heeft zonlicht niet nodig. God zelf is de
bron en Hij is daar.
Genade en vrede van Hem Die is, Die was, Die komt. Genade en vrede van
de zeven geesten die voor Zijn troon zijn. Genade en vrede ook van Jezus
Christus de getrouwe Getuige. En waarom zeg ik dat dat niet de Vader
en niet de Geest en niet de Zoon is. Nu ik probeer het. Het wordt eigenlijk
zo gezegd: Degene over Wie wij schrijven is de Eeuwige. En Degene over
Wie wij schrijven is het Licht Zelf. En Degene over Wie wij schrijven
dat is, ja dat is die Eerstgeborene, dat is die getrouwe Getuige, dat
is degene die hier op aarde als enige getuigde. Als enige examen deed
en, ja inderdaad, met vlag en wimpel geslaagd is. Over Hem hebben we
het. Hij Die de Eeuwige is, Hij Die alles ziet, alles doorheeft en alles
in het licht brengt. Is ook Degene Die hier op aarde gekomen is. Een
getrouwe Getuige. Er was nog nooit een getrouwe getuige geweest. En
toen kwam Hij. Hij de eeuwige. Hij die alle licht in Zich heeft kwam
hier op aarde als een getrouwe Getuige waarvan God moest zeggen: "Daar
is Hij in Wie Ik Mijn welbehagen heb. Daar is Hij Die alles is. Hem
heb Ik lief. Hoort Hem. Kijk naar Hem". Het is alsof de hele hemel
meegaat in de openbaring van Jezus Christus. Zo staat het hier. En Die
getrouwe Getuige Die we nu kennen als de Here Jezus die ook voor Pilatus
getuigenis heeft getuigd. Die voor Herodes is geweest. Die voor he Sanhedrin
is geweest. Die door de straten van Jeruzalem is getrokken. En die,
ja alles gedaan heeft wat u allemaal in de evangeliën terugvindt.
De Here Jezus, de getrouwe Getuige. Maar Hij is ook de eerstgeborene
van de doden. Moeilijke term hoor. In de bijbel zijn twee uitdrukkingen
die heel moeilijk zijn. Dat is de term de Eniggeborene van de Vader
en de Eerstgeborene. Alleen Johannes schrijft in zijn evangelie en in
zijn brieven over de Eniggeborene. Hij is de enige schrijver, bijbelschrijver,
die die term gebruikt. En daar gaat het om Iemand die echt uniek is:
De Eniggeborene van de Vader. Daar is er geen een meer van. De Eniggeborene,
de Unieke. Dat is het sublieme van Johannes. In Joh. 1, maar ook in
zijn brieven. De Eniggeborene van de Vader, vol van genade en waarheid.
Maar als eerstgeborene zijn er ook meer van. Alleen, Hij is binnen dat
gezelschap de allerhoogste. Die term eerstgeborene heeft te maken met
een soort rangorde, met de hoogste in rang. En de Here Jezus is de Eerstgeborene
van de ganse schepping. Hij is de Eerstgeborene onder vele broederen.
Hij is de Eerstgeborene uit de doden. Hij is de Eerstgeborene van de
doden. Dat staat hier. De Eerstgeborene der doden. Dat betekent dat
zelfs in Zijn sterven, zelfs in Zijn zijn temidden van de gestorvenen,
Hij toch de hoogdte in rang is geweest. Even oppassen. Hij de Eeuwige
is, was, komt. Hij, de zeven geesten die voor Zijn troon zijn, Die alle
licht en alle, alle inzicht heeft en dwars door iedereen heen kijkt,
alles openbaar maakt. Het is het licht dat alles openbaar maakt. Hij,
de getrouwe Getuige, hier op aarde, Nazareth, de omgang, de wandeling,
Jeruzalem. Hij die uiteindelijk an het kruis gestorven is. En ook daar
waar Hij is geweest samen met die moordenaar aan het kruis, aan wie
de Here Jezus zei: "Heden zult u met Mij in het paradijs zijn".
De Eerstgeborene van de doden. U kunt zeggen: "Ja, maar Hij is
dan toch gestorven". Ja, Hij is gestorven, maar ook binnen dat
gezelschap is Hij de hoogste in rang. Hij is ook n og de Eerstgeborene
uit de doden, die van tussen de doden uit zullen opstaan, want dat is
de term eigenlijk. Van tussen de doden uit leven. De Here Jezus is dat.
Hij is de Eerstgeborene van de doden en Hij is ook nog de Overste van
de koningen der aarde. Nou, probeert u het eens op een rijtje te zeten
Wie de Here Jezus is voor u. Hij is de Eeuwige, Hij ziet alles, Hij
brengt ook alles in het licht, Hij is het Licht zelf, Hij is de getrouwe
Getuige, Hij is de eerstgeborene van de doden en Hij is de Overste van
de koningen der aarde. Stopt u dan? Ik denk dat u nog verder gaat en
u zegt: "En Hij, Hij heeft mij lief". Begrijpt u Wie u liefheeft?
Begrijpt u dat dat niet zomaar Iemand is van twaalf uit een dozijn?
Begrijpt u dat het hier dus echt gaat om de Unieke, om de Heerlijke,
om de Grote, om de Verhevene, om de Here Jezus Zelf. Hij heeft jou lief.
Hem Die ons liefheeft en ons van onze zonden, uit onze zonden verlost
heeft door Zijn bloed. Hij heeft ons liefgehad. De Here Jezus heeft
jou liefgehad. Niet een poosje en daarna heeft Hij gezien hoe jij een
keer afhaakte en toen is Hij gestopt. Nee, dat staat nergens. Hij heeft
je lief, Hij houd van je, Hij blijft van je houden en Hij heeft met
Zijn bloed, met Zijn bloed verlossing aangebracht. Nu vandaag zeggen
sommige mensen, sommige theologen zelfs, dat dat beetje bloed nooit
alle zonden kunnen wegnemen. En anderen zeggen dat ze dat ook eigenlijk
niet willen, dat het bloed van een ander gewoon debet is voor de vergeving,
dus dat zou je dan zelf op moeten knappen, daar zou je zelf iets in
moeten doen. Nu, de Here Jezus, Hij is degene die verlossing heeft aangebracht
door Zijn bloed. En de gelovige zal zeggen: "Here Jezus, yes, U
hebt gewoon mij liefgehad. U, niemand minder dan zo Iemand. Nou, sluit
dat nu eens in je hart en leg dat in je hart en dank de Here Jezus daarvoor
en prijs Hem daarvoor, de tijd is nabij. De bijbel wil ons wakker maken
voor de, ja, de spoedige ontmoeting met Hem. Maar naarmate je naar Hem
verlangt, naar Hem uitziet, komt er ook een stuk, laat ik maar zeggen,
groei, geestelijke groei. Want je gaat ontdekken Wie Hij is. Daarom
roep ik wel eens in studies: "Geestelijke groei is in feite leren
kennen Wie de Here Jezus is". Opwassen in de genade en in de kennis
omtrent onze Here Jezus Christus: 2 Pet. 3. Opwassen in de genade en
in de kennis omtrent de Here Jezus. En als iemand geestelijk gegroeid
is, dan weet hij veel van de Here Jezus. Mag ik een voorbeeld noemen?
In 1 Joh. staan drie categorieën. Er zijn babies in Christus, er
zijn jongelingen in Christus en er zijn vaders in Christus. Nu, het
gaat me niet om wat van die anderen allemaal staat, maar van de vader
zegt Christus, het staat er tot twee keer toe, dat ze Hem kennen. That's
it, meer niet. Van jongelingen wordt gezegd dat ze de boze overwonnen
hebben weet je wel, die gingen voor, die waren het. Maar van de vader
staat eigenlijk alleen maar: Ze kennen Hem. En als u nu de vraag krijgt:
Kent u de Here Jezus? Ja dan meesten waarschijnlijk hier: "Ja ik
ken Hem als mijn Heiland als mijn Verlosser." Amen. Prijs God er
elke dag voor. Maar ben je een beetje gegroeid? Weet je een beetje meer
over Hem? Als de bruid in het Hooglied de vraag krijgt: "Wie is
je geliefde eigenlijk, wat heeft hij dan voor boven een ander?"
Nou dan begint ze: Zijn haar, zijn voorhoofd zijn neus, zijn ogen, zijn
oren, zijn schouders, zijn armen, zijn handen, zijn benen, zijn lichaam.
"Het is super", zegt ze. Zo ongeveer. Ze beschrijft hem helemaal.
Van hoofd tot teen. En de anderen zeggen: "Nou als het dan zoiets
bijzonders is dan gaan wij met jou die bruidegom zoeken. Dan willen
we er achteraan." Maar wij falen in het kennen van de Here Jezus.
Geestelijke groei hoort bij het kennen van de Here Jezus. Dit bijbelboek,
het is hier, hier vastgelegd: Hem die ons liefheeft en ons uit onze
zonden verlost heeft door Zijn bloed. En het houd nog niet eens op.
Want Hij heeft u ook nog gemaakt tot een koninkrijk, tot priesters,
voor Zijn God en Vader. Begrijpt u het een beetje? U die ver was, u
die nergens, nergens recht had, u die alleen maar van genade kon leven,
u die alleen maar kon roepen: "O God wees mij zondaar genadig".
U, u bent door de Here Jezus verlost door Zijn bloed, alleen door Zijn
bloed, door het feit dat Hij aan het kruis van Golgotha gestorven is,
omdat Hij Zijn leven gaf, want daar duidt die uitdrukking op: Door Zijn
bloed. U bent bovendien gemaakt tot een koninkrijk en tot priesters
voor Zijn God en Vader. Niet tot arme zwervelingen die misschien aan
de rand van de hemel binnengesleurd zijn op het allerlaatste moment:
He he, we zijn net op tijd, net over de drempel. Nou ik zou eindeloos
tevreden zijn waarschijnlijk met een plaatsje bij de drempel, gedachtig
aan de term dorpelwachter bij de tent of zo. Maar de Here bedoelt u
niet ergens net over de drempel, daar als een soort nou ja het ligt
er ook nog, maar de Here zegt: "Ik heb een erezetel voor je, Ik
heb je gemaakt tot een koninkrijk met Christus, de Overste van de koningen
der aarde". Ik heb het zopas overgeslagen, een beetje bewust. Want
Hij, de getrouwe Getuige, de Eerstgeborene van de doden, de Overste
van de koningen der aarde. Hij zegt: "Maar Ik wil dat jij met Mij
in de troon zit en Ik wil dat je met Mij regeert, dat je met Mij heerst,
dat je met Mij schittert". Dus niet een achteraf klapstoeltje in
de hemel maar een vooraanzetel, een troon, we zullen het ontdekken,
hoofdst. 4, 5. Daar zitten ze op tronen. Jij en ik, door het geloof
in de Here Jezus, buitengewoon bevoorrecht. Jij en ik gezegend met al
die zegeningen. Jij en ik in de hemel, samen met de Here Jezus in de
troon. Een koninkrijk. En tot priesters. Nou, de Here Jezus is de Hogepriester.
Wat doet de hogepriester? Nu, hij treed tussenbeide, hij bid maar hij
brengt ook reukwerk. En reukwerk, ik wil het even te simpel zeggen,
dat komt later, reukwerk is eigenlijk een stuk aanbidding of een stuk
gebed. Gebed mag ook, Ps. 141 zegt nadrukkelijk: "Laat mijn gebed
zijn als reukwerk voor Uw aangezicht". Dus daar is het bidden ook
reukwerk. Dat is heel duidelijk. Maar ook aanbidding, lofprijzing, iets
aangenaams aanbieden, iets liefelijks aan de Here geven. En dan zijn
we daar als een gezelschap van priesters. En we zijn vlak bij de troon
en we willen ook reukwerk aanbieden. Ik kom later wel op verschillen
terug. Maar aanbieden van reukwerk. We gaan de Here God prijzen, we
gaan de Here Jezus prijzen. Daarom ziet u uzelf waarschijnlijk in Openb.
5 al rondom het Lam, het Lam staande als geslacht, en u hoort uzelf
al het nieuwe lied zingen. U gaat al lofprijzend Hem eer brengen. Begrijpt
u waar u vandaan komt en waar u naar toe gaat? Begrijpt u dat u zo geweldig
gezegend bent? Dat u buitegewoon bent, dat u uniek bent? Niet vanwege
uw goede daden, dat is niet waar. Vanwege de Here Jezus. En als je goed
door krijgt Wie Hij is, ga je ook voor Hem. En als je niet snapt Wie
Hij is dan laat je het afweten. En daarom is het zo essentieel. Daarom
is het bezig zijn met de toekomst heel belangrijk. Het vormt je, het
kneed je, het motiveert je, het drijft je naar Hem uit. En het maakt
je tot een gezelschap hier op aarde.
Nu, Hij heeft je gemaakt tot een koninkrijk tot priesters voor Zijn
God en Vader en dan kan Johannes het ook even niet laten; "Hem
zij de heerljkheid", ja, precies, nou zoiets van nou moet ik even
de Here prijzen. Nou ja dat is overdreven en dan komt de discussie:
handen omhoog of handen in de zakken, mannen dan he, mannen, mannen.
Eh, hoe moet dat dan. Handen omhoog. Dan zegt een broeder laten we het
zo maar doen. Nou. "Heft uw handen op naar het heiligdom",
zegt het OT. Heft uw handen op naar het heiligdom, Prijs de Heer, Ps
134. Waarom zouden we het niet doen? Nou u mag wel zo. Het zit hem niet
in de houding. U mag zitten, u mag staan, u mag knielen, u mag voorover
vallen, u mag de Here prijzen. Maar hij zegt: "Als ik dit allemaal
overweeg, als ik bedenk van Wie ik de genade en vrede aangereikt krijg
van Hem Die is, Die was". Nou, nog een keer? Het hele rijtje weer
langs, nog een keer? Nou, u mag het zelf weten: Hem zij de heerlijkheid.
Ja zeker, dan ga je Hem prijzen, dan ga je Hem grootmaken, dan ga je
Hem bejubelen. Daar ga je bij wijze van uit je dak. Dat hoeft niet alleen
in een disco. Dat kan zelfs in je slaapkamer, zonder herrie. Het kan
gewoon heel stil: Here Jezus, dank U, dank U Here Jezus, ik prijs U.
Hem zij de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden amen. Dat
is een lofprijzing. Eén zo'n lofprijs zinnetje ertussendoor.
Maar Hij komt met de wolken. En elk oog zal Hem zien. Daarover ga ik
later in de studies verder praten. Maar Hij komt. De Here Jezus komt.
We hebben dit Maranatha-diensten genoemd. We willen het woord Maranatha
vasthouden. Dat is een bijbelsw term en dat betekent letterlijk: De
Here Jezus komt. Kan ook betekenen: De Here Jezus moge komen. Dat kan
dat is niet helemaal precies te vertalen. Maar in elk geval, dat komen
van de Here Jezus, ofwel een gebed of een uitroep, het is verwerkt in
dat woord maranatha.
Hij komt met de wolken. Dat betekent dat er een moment gaat komen dat
dat wat wij nu zien en waar jij genade en vrede van krijgt, en waar
jij de zegen van pakt als je dit leest en als je dit hoort voorlezen,
weet je wel, daar heb je nu al de zegen van te pakken, dat jij nu gezegend
bent, nou, wat jij nu geniet, dat zullen alle mensen gaan zien. Want
vandaag of morgen zien ze Hem in Zijn glorie. En dan komt Hij met de
wolken des hemels. En of het dan nog zegentijd voor die mensen is, dat
laat ik nog even los, want dat komt in de rest van dit boek echt uit
de verf. Maar in elk geval, Hij komt. Hij komt met de wolken. En elk
oog zal Hem zien. Ook zij die Hem doorstoken hebben. Nou daar is een
diescussie over, wie zijn dat. Ik houd het voorlopig maar op heidenen.
Want u denkt dat het de joden zijn maar die hebben niet doorstoken.
Ik wil ook het boek Zacharia recht doen. En als in Zach 12 staat: "Zij
zullen zien op Hem die doorstoken werd". Dan staat er dus niet
bij: "Ze zullen zien op Hem die zij doorstoken hebben". Daar
moet je heel voorzichtig mee zijn want dat staat er niet. Dat heb ik
wel vaak gelezen, van: Ja, dat hebben zij gedaan. Maar in de letterlijke
zin heeft een Romeinse soldaat dat gedaan. En zelfs in de tekst kun
je dat niet eens volhouden dat zij dat gedaan hebben. Het is wel gebeurd.
Maar ook zij die Hem doorstoken hebben. Het is alsof Johannes hier zegt:
"Jullie Romeinse soldaten, jullie Romeinse bezetters, Europese
bezetters, jullie hebben mij uit Efeze geplukt", ik ga even vooruit
hoor, "en jullie hebben mij uit mijn werk gehaald. De Romeinse
bezetter en jullie hebben mij verbannen naar Pathmos, hebben mij in
een soort gevangenis gestopt. En jullie zitten eigenlijk te lachen dat
ik nu monddood ben, dat ik nu in het gevang zit, dat ik geen kant op
kan." He, dat was allemaal gebeurd door die Romeinse bezetter.
En hij roept hier uit: "Ook zij die Hem doorstoken hebben zullen
Hem zien". Zijn arrestatieteam, zijn bezetters, zijn cipiers, zijn,
nou de mensen die bij hem waren, die hem misschien wel knevelden en
boeiden. Die mensen zullen zien Wie de Here Jezus is. En ze zullen,
ja, over Hem weeklagen. Dat betekent dat het dan ach en wee wordt. Weet
u, als Thomas zijn hand legt in die wonden, of zijn hand steekt in die
zijde, dan zegt hij: "Mijn Here en mijn God", hij bejubelt
Hem. Maar als mensen Hem zullen zien die doorstoken werd dan zou het
wel eens te laat kunnen zijn. Alleen voor Israël begint dan de
zegen, volgens een ander bijbelboek. Zacharia in dit geval.
Hij komt, Hij komt met de wolken en elk oog zal Hem zien. En we zouden
dat eigenlijk moeten zeggen. Als er nieuws is, echt nieuws is op het
journaal dan praat iedereen daarover. Dat is gewoon zo. Toen op 11 september
allerlei dingen gebeurden, toen was het journaal ook bij u waarschijnlijk
de hele dag aan, u keek. Maar daarna ebt dat weer weg en nou ja, of
nemeer Pronk nu wel of niet in het volgende kabinet komt of, nou ja,
als dat soort nieuws allemaal voor het journaal is dan denkt u: Nou,
ik kan het ook wel een keer overslaan. En als u het een week overslaat
dan blijkt ineens dat u niets gemist hebt. En als u het 14 dagen overslaat,
nou dan hebt u nauwelijks iets gemist. En als u 14 dagen geen krant
leest dan hebt u ook geen probleem want het is alsof het leven gewoon
is doorgegaan alsof er dus helemaal nul komma nul gebeurd is. Maar dit,
dit moeten we weten. Dit moeten de mensen weten. En wie zegt het? Ja
de duivel ziet kans om de christenen die nog een beetje, laat ik maar
zeggen, positief zijn, eh, ja, om nog verkeerde dingen te laten zeggen.
En als het Efraïmgenootschap zegt dat het 21 nov. was en het is
weer niet uitgekomen dan zegt heel onze omgeving: "Zie je wel,
heb je weer van die broodprofeten." En ze hebben gelijk. En dus:
"Ach daar kun je ook helemaal niet over praten, daar moet je ook
niet over praten. Laat dat toch. We hebben genoeg aan de horizontale
dingen van vandaag." Nou daar gaat ie weer. Daar gaat die wagen
weer denderen die al zoveel jaren heeft gelopen: Gewoon horizontaal.
Maar dat is eigenlijk jammer. Want de duivel heeft kans gezien om weer
een stukje getuigenis ondersteboven te halen. Maar stel nu eens dat
wij morgen zouden vertellen dat de Here Jezus komt. Ik heb geleerd van
mensen die echt het verkopen kennen: Als jij niets doet en je gaat midden
in Veenendaal, morgen staan, en je kijkt omhoog en je wijst, dan duurt
het niet lang of er staat een hele horde mensen om je heen. Echt waar
probeer het. Stel dat we het allemaal zouden proberen morgen. Nou misschien
krijgen we overmorgen dan de krant mee en die zegt: "Oh ja, allemaal
geweest in de aula van de evangelische... oh, dat zootje ongeregeld".
Maar gewoon: Hij komt met de wolken. Stel dat u dat zou zeggen. Dat
heeft effect. Maar we houden ons ook stil want we willen ons ook niet
belachelijk maken. Ik snap het ook hoor. Maar ik wil zo graag helder
hebben dat wij er wel over zouden moeten praten en dat we wel zouden
moeten getuigen en dat we wel zouden moeten zeggen: "Nou we zijn
van die mensen die uitkijken naar de komst van de Here Jezus, we houden
van de Here Jezus. Hij houdt van ons, Hij heeft ons lief, Hij heeft
ons een geweldige toekomst voorgesteld en Hij heeft dat allemaal bereid,
het is allemaal gereed, het is allemaal klaar. Het enige waar we op
wachten is dat Hij zegt: Komen jullie", ja Hij komt". Gereed
zijn om Hem te ontmoeten. Klaar zijn om Hem te zien om bij Hem te zijn.
Is dat zo gek? Of zijn we zo horizontaal ingesteld geworden dat we het
alleen nog hebben over ja, mijn baan morgen mijn baan overmorgen of
mijn werk of onze omstandigheden.
Ik hoop dat dit stukje ons al aandrijft tot een verwachting van de Here
Jezus. Dat hoop ik echt. En u mag het krom zeggen, u mag het recht zeggen.
Ik was op een kleine mini-conferentie in Breskens, jaren terug, en daar
sprak een Duits sprekende man. Hij kwam uit Duitsland. En hij had een
aantal jaren in het Nederlandse leven geleefd en hij denkt: Ik red dat
wel in het Nederlands. Zoals wij in het Duits proberen een boodschap
door te geven. Hij sprak over Matt. 25, de vijf wijze en de vijf dwaze
meisjes. En hij zei, en u kunt zich dat voorstellen, er zat ook wat
jeugd en zo: "Alle tien waren van de Bruidegom in verwachting".
Het is typisch Duits hoor, typisch Duits. Dat is het Erwarten gewoon
vertaald met verwachting maar dat is bij ons wat anders. En iedereen
heeft het begrepen. Hij zei het verkeerd.
Verwacht u de Here Jezus? Bent u van de Bruidegom in verwachting? Ik
wil het toch even zo zeggen. Niet in het profane, maar gewoon om te
zeggen, klopt je hart nog voor Hem? Ben je nog werkelijk iemand die
uitziet naar Hem? Hij komt met de wolken en elk oog zal Hem zien. Ook
zij die Hem hebben doorstoken, en zij zullen over Hem weeklagen, ja
amen. Hij roept je nog een keer toe: "Ik ben de alfa en de Omega.
Ik ben ook nog de Here God. Ik ben degene Die was, en Die komt. Ik ben
de Almachtige". Nog een keer? Genade en vrede van...... nou, zet
eens op een rijtje voor jezelf van Wie je nou genade en vrede krijgt.
Wat je allemaal toegeschoven krijgt. Een bord vol. Genoeg om van te
snabbelen om er heerlijk van te dikkedakken. Om er heerlijk je innerlijk
mee te vullen. Om je geestelijke spijsvertering, laat ik maar zeggen,
een impuls te geven. Dat is de insteek. Het laatte bijbelboek is uniek.
Het is niet moeilijk. Echt niet. We zullen best moeilijke momenten tegenkomen.
Nou ja dan probeer ik het op het bord wel uit te leggen. Probeert u
het eens. Gaat u eens smullen van de Here Jezus. Gaat u genieten van
de Here Jezus. Denkt u nu eens dat u gewoon op een party bent en waar
alleen maar slagroom, nou ja, mag ik niet hebben vanwege de dokter,
er allemaal vruchtencake is er allemaal heerlijke dingen zijn. Wat mij
betreft de magerste kwark, als het maar lekker is, maar doe iets en
stel je nu eens voor dat je een enorme schuif lekkernijnen op je bord
krijgt en dat je daavan mag eten. Nou dat is het ongeveer. En u zegt
echt gegarandeerd: "Here Jezus ik wist niet dat u zo mooi was.
Ik houd van U Here Jezus. En ik wil ook voor U leven Here Jezus. Ik
wil een knecht voor U zijn". Als u niet weet Wie Hij is brengt
u het ook niet op om voor Hem een knecht te zijn. En als u wel weet
Wie Hij is, dan krijgt u ook verlangen om knecht voor Hem te zijn. Nou,
dat is het in feite. Dan bent u een Maranatha-christen. Dan denkt u
ook: Nou ik wou dat mijn baas maar kwam. Dan ging hij uitbetalen. Toch?
Stel je voor dat uw baas een maand te lang wacht met uw salaris. Dan
hebt u problemen. U kunt zeggen ja, daar hebben wij FNV en CNV voor,
dat is allemaal geregeld hier op aarde. Ja, ik weet het wel, maar velangt
u dan niet naar hem? Ik denk het wel, ik denk het echt. Ik denk dat
u gewoon in brand komt te staan. Precies, dat is wat Gods Geest zou
willen doen in onze levens. Ons in brand zetten voor de Here Jezus.
Nou, Openb. gaat nog een beetje verder dat voelt u. Hij laat dan ineens
zien aan Johannes Wie Hij is. Daar ga ik de volgende keer over praten.
De Here zegene u.
|
|